Risico en portefeuille

Je beleggingen spreiden zonder steeds hetzelfde te kopen

Spreiding betekent dat je beleggingen niet allemaal van dezelfde onderneming, sector of economische ontwikkeling afhankelijk zijn. Het aantal regels in je portefeuille zegt daar weinig over. Drie fondsen kunnen grotendeels dezelfde aandelen bezitten, terwijl één breed fonds toegang tot veel bedrijven kan geven. Door naar de onderliggende belangen en hun gewichten te kijken, zie je hoeveel risico je werkelijk verdeelt.

Begin met wat er onder de naam zit

Een aandelenfonds, een technologie-ETF en enkele losse Amerikaanse aandelen lijken drie soorten bezit. Toch kunnen dezelfde grote technologiebedrijven in alle drie voorkomen. De verpakking verschilt, maar de economische afhankelijkheid stapelt zich op. Een ETF is een fondsstructuur, geen afzonderlijke beleggingscategorie naast aandelen en obligaties.

Bekijk daarom per fonds de gevolgde index of strategie, de grootste posities, sectorverdeling en landenverdeling. Controleer ook wat er juist ontbreekt. Een fonds met wereldwijd actieve ondernemingen hoeft geen wereldwijde aandelenmarkt te volgen. Een fonds met het woord duurzaam in de naam kan door uitsluitingen een andere sectorverdeling hebben dan een breed marktgemiddelde.

De vestigingsplaats van een fonds vertelt evenmin waar het belegt. Een in Ierland gevestigd fonds kan Amerikaanse aandelen aanhouden. En een Nederlands aandeel kan een groot deel van zijn omzet in het buitenland verdienen. Gebruik voor een eerste vergelijking dezelfde indelingen uit fondsdocumenten en benoem hun beperkingen.

Overlap doorrekenen met een fictieve portefeuille

Stel dat je €10.000 belegt: €6.000 in een breed aandelenfonds, €3.000 in een technologiefonds en €1.000 rechtstreeks in onderneming A. Onderneming A weegt 5% in het brede fonds en 20% in het technologiefonds. Je feitelijke belang in A is dan €300 + €600 + €1.000 = €1.900, ofwel 19% van je portefeuille.

Positie Indirect of direct belang in A
Breed fonds: €6.000 × 5% €300
Technologiefonds: €3.000 × 20% €600
Los aandeel A €1.000
Totaal op portefeuille van €10.000 €1.900 = 19%

Een halvering van A zou, als alle andere onderliggende beleggingen gelijk blijven, circa €950 of 9,5% van je totale portefeuille kosten. Dat is een vereenvoudigde gevoeligheidsberekening: andere technologiebedrijven kunnen tegelijkertijd dalen, waardoor het werkelijke effect groter wordt. Je ziet wel waarom drie verschillende producten niet automatisch drie onafhankelijke risico’s zijn.

Doe dezelfde berekening voor de grootste gezamenlijke posities. Vermenigvuldig steeds het portefeuillegewicht van het fonds met het gewicht van het bedrijf in dat fonds en tel directe belangen erbij op. Gebruik posities van ongeveer dezelfde datum; fondsgewichten veranderen.

Spreiding binnen en tussen categorieën

Binnen aandelen kun je afhankelijkheid van één bedrijf, sector of regio verminderen. Binnen obligaties gaat het onder meer om verschillende uitgevende instellingen, kredietkwaliteit, looptijden en valuta. Tien obligaties van dezelfde onderneming verdelen het risico dat die onderneming niet betaalt nauwelijks.

Tussen categorieën kijk je naar verschillende bronnen van rendement en verlies. Aandelen geven een eigendomsbelang, obligaties een vordering met voorwaarden. Cash heeft weer andere kenmerken. Toch is een combinatie niet automatisch stabiel: aandelen en obligaties kunnen tegelijk dalen, bijvoorbeeld wanneer stijgende rente waarderingen onder druk zet.

Het doel is daarom niet om voor elke denkbare categorie een product toe te voegen. Een extra belegging helpt alleen als zij past bij je doel en iets wezenlijks verandert aan de risico’s. Een moeilijk te begrijpen product kan de portefeuille ingewikkelder maken zonder nuttige spreiding toe te voegen. De gewenste hoofdverdeling is een aparte vraag, uitgewerkt bij assetallocatie.

Wat spreiding kan opvangen en wat niet

Als een afzonderlijk bedrijf failliet gaat, kan brede spreiding de invloed op je totale portefeuille beperken. Dat werkt alleen als die positie vooraf niet te groot was. Spreiding verwijdert het risico van die onderneming niet; zij verkleint het deel van je geld dat ervan afhangt.

Een algemene economische terugval raakt veel bedrijven tegelijk. In onrustige markten kunnen beleggingen bovendien sterker samen bewegen dan in rustige jaren. Historische correlaties, de mate waarin rendementen samen veranderen, zijn geen vaste natuurwetten. Een combinatie die vroeger rustig oogde, kan in een nieuwe crisis anders reageren.

Ook breed gespreide beleggingen kunnen diep dalen. Spreiding vervangt daarom geen beschikbare buffer voor uitgaven die je niet kunt uitstellen. Als je geld op een ongunstig moment nodig hebt, maakt een lange lijst aandelen de verkoopprijs niet zeker.

Meer brokers is een andere vorm van verdelen

Dezelfde wereldwijde aandelen-ETF bij twee brokers aanhouden verandert de marktbelegging niet. Als het fonds 20% daalt, dalen beide posities in beginsel mee. Je verdeelt dan eventueel operationele afhankelijkheid van een dienstverlener, maar geen onderliggende marktrisico’s.

Omgekeerd kan één broker toegang geven tot beleggingen in veel ondernemingen en landen. Hoe effecten worden bewaard en welke bescherming geldt bij problemen met een dienstverlener, moet je afzonderlijk beoordelen. Dat onderwerp hoort bij tegenpartij- en bewaarrisico, niet bij het simpelweg tellen van aandelen.

Gespreid aankopen over de tijd is eveneens een andere keuze. Daarmee verdeel je aankoopmomenten; het verandert niet welke bedrijven uiteindelijk in de portefeuille zitten. Maandelijks hetzelfde smalle sectorfonds kopen maakt het op den duur geen breed aandelenfonds.

Een bruikbare controle zonder steeds meer te kopen

Maak eerst één overzicht van je beleggingen met hun actuele waarden. Kijk vervolgens door fondsen heen naar de grootste gezamenlijke belangen. Controleer waar één sector, land, valuta of kredietrisico een groot deel van het resultaat kan bepalen. Vraag bij elke nieuwe positie welk risico zij vermindert of juist vergroot.

Een portefeuille kan door koersstijgingen vanzelf geconcentreerder worden. Als één positie veel harder groeit dan de rest, verandert het gewicht ook zonder nieuwe aankoop. Vergelijk de verdeling daarom af en toe met je eigen uitgangspunten. Bijsturen kan via nieuwe inleg of door bestaande posities aan te passen; houd rekening met kosten en belastingen waar die van toepassing zijn.

Er is geen universeel aantal aandelen of fondsen dat voldoende spreiding garandeert. Gewichten, onderlinge samenhang en de inhoud van fondsen zijn doorslaggevender. Minder producten kan overzichtelijker zijn, zolang je daarmee de gewenste spreiding werkelijk bereikt.

Bronnen en controle

Gecontroleerd op . Rekenvoorbeelden zijn fictief, tenzij uitdrukkelijk anders vermeld. Geraadpleegde primaire bronnen:

Voor vergelijking van de uitleg zijn ook gelezen: DEGIRO diversificatie; Saxo rol van spreiding. Deze vergelijking vervangt de primaire bronnen niet.